La Gomera, 28/4-6/5 2007.

In 2006 besloten we om eens geen wintersportvakantie te boeken maar een zonnetrip. De agenda van Eugenie liet dat niet echt toe als wintertrip, dus boekten we een reisje voor het voorjaar. Het reisdoel was het wandeleiland La Gomera, het op één na kleinste eiland van de Canarische Eilanden. E.e.a werd voorbereid door het boekje 'Wandelgids La Gomera' van de ANWB (ISBN 90 18 01642 versie 2003; niet helemaal up-to-date meer) door te nemen. We zochten de aantrekkelijkste (en voor ons haalbare) wandelingen er uit en voerden die in in de gps. Het was aardig die routes te controleren via Google Earth, zo kon je alvast zien wat je te wachten stond.

Verder regelden we via ene Peter Lange, een op la Gomera woonachtige duitser, een appartement en een huurauto. Tickets via eBookers gekocht bij Iberia Airlines (wat een beroerde vliegmaatschappij, daarover later meer) en klaar was kees.

Zaterdag 28/4 parkeerden we de auto op 'Lang Parkeren' bij Schiphol en via Madrid kwamen we het einde van de middag aan op Tenerife. We probeerden een bus te halen naar de haven van Los Cristianos maar busdiensten bleken niet erg te kloppen. Daarom per taxi (20 euri) op pad, terrasje pikken bij de haven en daarna met de snelle boot van Fred Olsen naar San Sebastian op la Gomera. Ging lekker vlot, binnen drie kwartier stonden we op het eiland van bestemming. De huurauto stond klaar (vreselijk klein als je een busje gewend bent) en tegen zessen waren we in Hermigua (Santa Catalina).

Leuk appartement met mega terras en uitzicht over de Atlantische oceaan.

Op zondag, dinsdag, donderdag en zaterdag hebben we een wandeling gemaakt, de dagen ertussen bezochten we alle grotere plaatsen van het eiland en rustten we wat uit.

Zondag.

Eugenie vond het wijs te beginnen met de zwaarste van de geselecteerde wandelingen: wandeling 20, over een rode rotswand bij Agulo naar Juego de Bolas. Toen we aankwamen leek het ons onmogelijk de steile helling te beklimmen, maar spoedig vonden we het begin van een naar omhoog zigzaggend rotspad. Tussen cactussen, langs bananenplantages op de terrassen en veel bloemen strompelden we omhoog. De zon brandde op onze zweetruggen, d.w.z. op die van Eugenie want ik droeg een rugzak...

Na een uurtje waren we boven en konden we genieten van een fraai uitzicht op Agulo en de oceaan. Vanaf hier werd het wat vlakker. Ik ontwaarde een heerlijk uitziende cactusvrucht die ik probeerde te ontvellen. Raar dat de schil zo branderig aanvoelde; het bleken tientallen microdoorns te zijn die zich in mijn vingers hadden geboord. Goed verdedigingssysteem.

We kwamen langs een klein stuwmeertje en daarna in La Palmita, een dorp gelegen in een Shangri-La achtige vallei. Prachtig. Daarna was het weer even klimmen, het dorp uit naar de noordkant van de vallei. Het pad werd een weggetje en even later konden we ons op het terras van Bar-Restaurant Juego de Bola laven aan drankjes en broodjes. Een grote groep duitse wandelaars (heel veel duitse toeristen hier) voegde zich bij ons. Mede reden om weer snel op pad te gaan.

Een pad wat vriendelijk begon maar al snel weer bestond uit ruwe rotsen. Voor Eugenie een marteling, want haar voeten werken niet meer zoals vroeger. Toch gelukt. Jammer dat beneden in Agulo alles dicht was. Daarom vertrokken we maar snel naar ons appartement in Santa Catalina.

Steil omhoog vanuit Agulo.

Bij de geitenkaasboer.

Dinsdag.

Vandaag wandeling 21, via een omweg naar Playa de la Caleta. Lekker dicht bij huis beginnen. Wel onmiddelijk een steil en warm pad naar boven, maar daarna bleef het pad zo rond de 300 meter. Het was hier iets kaler dan de vorige wandeling en tamelijk winderig. Prachtige uitzichten op de valleien (barranca's) die we passeerden. Een tijdje werden we achtervolgd door een groep duitse (hoe bestaat het) toeristen, maar na onze lunchstop kwamen we geen wandelaars meer tegen. Op het meest oostelijke punt van de wandeling voerde het pad steil omlaag naar Casas del Palmar, een verzameling hutjes. Een groep honden schrok ons eerst af, maar onder begeleiding van een op de top wachtende Gomeraanse dame durfden we het aan. Bij de hutten wachtte haar man haar op met een levende kip, klaar voor de beul... De herder/boer maakte ook schapenkaas en we besloten er één te kopen. Eugenie had niet genoeg kleingeld en hij had niet terug van 50 euro, dus met een fraaie pen op de koop toe werd e.e.a. beklonken.
Het pad voerde verder omlaag naar de Playa, waar we op een tropisch terrasje een salade en wat drankjes consumeerden. Uitgerust begonnen we aan de klim terug, eerst over het asfalt (geen verkeer gelukkig) en daarna weer over het pad. Het was weer lekker gegaan!

Donderdag.

Wandeling 18, door het natte oerwoud bij Vallehermoso. Het begin van de wandeling was lastig te vinden. Uiteindelijk bleken we een paadje voor het plaatselijk kerkhof rechts te moeten volgen. Het pad ging matig steigend langs de vallei omhoog met mooi uitzicht over de in cultuur gebrachte gronden. Voor het eerst begon het te regenen en moest ik me in een belachelijke rood-roze poncho heisen. Langzamerhand werd de steiging heftiger, het pad smaller en het 'oerwoud' dichter. Het leek wel een tropische expeditie. Gelukkig hield de regen na enige tijd op, maar door de dichte en natte begroeing werden we toch aardig nat. Later werd het pad wat breder en kwamen we boven de bewolking. Tijd voor de lunch. Daarna bleef alles een tijdje op dezelfde hoogte. Tot onze verbazing werd er hier een weg aangelegd, overal waren bulldozers en vrachtwagens te zien. Hopelijk wordt la Gomera niet weer zo'n super toeristisch gebied.
Na het uitzichtspunt Buenavista zette de afdaling in. Een steil rotspad over een kam met aan één kant de oceaan en aan de andere kant een kloof. Mooi.

Pim op het puntje.
Uiteindelijk kwamen we weer op de weg, een kort uitstapje naar de plaatselijke Playa volgde waar we wat dronken en tortilla aten. De route terug naar Vallehermoso ging over een steile asfaltweg, die we even later besloten te verlaten. Een korte steile klim naar Valle Abajo en daarna eerst een rustige weg en dan een pad over de terrassen terug naar het stadje. Het laatste stukje was weer even zoeken maar na zacht aandringen mochten we langs de blatende geiten voor het dorp. Na een bezoek aan het plaatselijk café en de supermarkt terug naar Santa Catalina.

Eugenie in het regenwoud.

Zaterdag.

Vandaag eerst met de auto naar het beginpunt van wandeling 8, "naar de hoogste berg van La Gomera", de parkeerplaats Laguna Grande. De wandeling begon met een pad langs de weg, wel net ín het bos. Daarna ging het verder over brede paden, langzaam, en soms snel, omhoog. Prettig wandelen, maar niet heel bijzonder. Naarmate we hoger kwamen werd het kouder, een graad of 9. Ook raakten we langzamerhand in de bewolking. Echt jassenweer. Op de top van de Garajonay bevond zich een prehistorische offerplaats; het uitzicht vanaf hier was nihil door de mist. Jammer, want vanaf hier kun je bij helder weer wel 4 andere eilanden zien. Al snel gingen het weer bergafwaarts, dit keer over een veel leuker bospaadje. Omdat de wandeling zo licht was maakten we nog een omweggetje zodat we uiteindelijk bijna 12 km hadden afgelegd. Dit was alweer de laatste wandeling deze week. Bijzonder goed bevallen, wellicht gaan we nog een keer terug.

De terugreis ging eerst voorspoedig. Om 9 uur vertrokken we uit Santa Catalina, we waren bijtijds bij de haven van San Sebastian om kaartjes te kopen, Fred Olsen bracht ons rap naar Tenerife en de taxi daar racete ons naar het vliegveld. De dame die ons incheckte voor de terugreis deelde ons mee dat we waarschijnlijk in Madrid een probleem zouden hebben: Madrid-Amsterdam was overboekt. Dat bleek enkele uren later te kloppen: we mochten niet aan boord. En we waren niet de enigen, blijkbaar had men echt veel te veel stoelen verkocht. Iberia Airlines liet ons van de ene naar de andere van wachtrijen voorziene en door het vliegveld verpreide desks sjokken. Informatiebalie - Ticketbalie - Vergoedingenbalie - Hotelvoucherbalie; het hele proces duurde enkele uren. Het Iberia personeel was onverschillig tot onbeschoft en sprak ook nog eens gebrekkig engels. Men deed het voorkomen of WIJ het probleem waren, en niet de commerciele mensen van Iberia. Enfin, het hotel waar we laat arriveerden was goed evenals het buffet. De andere dag kwam het busje om 7 uur om ons weer naar het vliegveld te brengen en uiteindelijk waren we maandag om 2 uur thuis. We gaan nooit meer met Iberia vliegen!

Zo laten we la Gomera weer achter ons. De top gehuld in de wolken, de noordkant rechts dus bewolkt en de zuidzijde zonnig. Geef ons de noordkant maar!

girlz
back